Prinsjesdag 2026: Wat moet je als organisatie weten?

15 september, 2026

De aanloop naar Prinsjesdag was chaotisch, met eindeloze kabinetsonderhandelingen om tot een gezamenlijke begroting voor 2027 te komen. Deze chaotische situatie zette zich op de dag zelf voort. Prinsjesdag stond mede in het teken van sabotage: de spoorwegen en snelwegen waren in een groot deel van het land ontregeld. Was dit een voorteken voor politieke sabotage van de oppositie de komende maanden… Of krijgt dit kabinet het nog op de rails?

In deze analyse vind je een overzicht van de belangrijkste punten uit de nieuwe begroting, met specifieke aandacht voor de economie, klimaat en energie, gezondheidszorg en technologie.

Actuele achtergrond

De spanningen binnen het kabinet zijn al langere tijd duidelijk. Het kabinet haalde eerdere interne deadlines voor het presenteren van een begroting niet. Het proces werd gekenmerkt door interne ruzies, onduidelijke onderhandelingsstructuren en strijdbare oppositiepartijen. Uiteindelijk werd op de deadline van 31 augustus een begroting gepresenteerd, in de wetenschap dat hiervoor geen vaste meerderheid in de Kamers bestaat.

Het kabinet heeft geprobeerd een begroting op te stellen waarvoor “zo breed mogelijk draagvlak” bestaat. Dat betekende (gedeeltelijke) “handreikingen” aan oppositiepartijen PRO, JA21, ChristenUnie, SGP en zelfs 50PLUS. De vraag is echter of dat voldoende zal zijn. De meest relevante oppositiepartijen, PRO en JA21, hebben aangegeven dat het kabinet een keuze moet maken: meerderheden halen over links of over rechts. Omdat die keuze uitblijft, hebben zij aangegeven de huidige begroting niet zomaar aan een meerderheid te helpen.

Simpel gezegd betekent dit het volgende: geen enkel plan ligt vast. We verwachten een flinke politieke strijd tijdens de APB, waarin oppositiepartijen zullen benadrukken tegen de Prinsjesdagplannen te zijn. Parallel daaraan zullen partijen achter de schermen per onderwerp onderhandelen en mogelijk deelakkoorden sluiten, bijvoorbeeld over migratie en ontwikkelingssamenwerking. Vervolgens zullen waarschijnlijk onderhandelingen plaatsvinden over afzonderlijke ministeriële begrotingen. Dit hele proces kan potentieel tot in december duren. De vraag is in hoeverre de Prinsjesdagplannen dan nog overeind zijn gebleven en of dit binnen de kaders van de begroting past.

Tegelijkertijd zien we dat slechts 36% van de kiezers vertrouwen heeft in de politiek (zie het Prinsjesdagonderzoek van Ipsos). De meest gehoorde redenen voor wantrouwen zijn een gebrek aan probleemoplossend vermogen en het vermeende ‘amateurisme’ van het nieuwe kabinet. Het is aan minister-president Jetten om daadkrachtig over te komen en zo veel mogelijk van de Prinsjesdagplannen over de streep te trekken.

Algemeen

Het kabinet legt in deze begroting de nadruk op economische groei, budgettaire discipline, hervorming van de zorg, en koopkracht van Nederlanders. 

  • Economische groei: De Nederlandse economie groeit naar verwachting gestaag, maar beperkt, door met 1,4% in 2026 en 1,2% in 2027. De inflatie bedraagt dit jaar naar verwachting 3,3% en neemt volgend jaar af naar 2,7%. Opvallend is dat elk van deze percentages ten negatieve is bijgesteld ten opzichte van vorig jaar. 
  • Begrotingsdiscipline: Het kabinet zegt waarde te hechten aan begrotingsdiscipline. De overheidsschuld is tot nog toe met 46,9% (vorig jaar 43,7%) in internationaal perspectief laag. Wel geeft het kabinet aan dat dit, met ongewijzigd beleid, kan oplopen naar 64,1% in 2040. Er wordt vastgehouden aan de Europese regels voor begrotingstekorten tot onder de 3% van het bbp (2,9% voor 2027).
  • Overheidsuitgaven en hervormingen: Er worden een aantal winstwaarschuwingen gegeven over de toekomst van onze economie. Zo kampen we met de gevolgen van vergrijzing en afnemende productiviteitsgroei. Ook worden waarschuwingen gegeven over toenemend onrustige financiële markten en het oplopen van internationale overheidsschulden, bijvoorbeeld in de Verenigde Staten. 
  • Uitgaven aan veiligheid en klimaat: Het kabinet zet sterk in op defensie en veiligheid, mede vanwege internationale spanningen zoals de oorlog in Oekraïne. Defensie-uitgaven gaan significant omhoog en ook de uitgaven voor Oekraïne blijven hoog. Het kabinet werkt hiermee toe naar de NAVO-norm van 3,5% van het bbp voor Defensie per 2035. Er blijft aandacht voor klimaatverandering, maar dit lijkt geen prioriteit te zijn. Er wordt ingezet op verduurzaming van huishoudens, duurzame energieopwekking en het oplossen van netcongestie. Geen grote nieuwe projecten worden ondernomen, en sommige toegewezen gelden zijn gebruikt voor andere dossiers of worden uitgesteld.
  • Investeringen: Het kabinet geeft een somber beeld over de investeringen in Nederland. Publieke investeringen blijven gelijk, maar private investeringen liggen onder het gemiddelde in de Eurogroep. Ook blijven R&D-uitgaven en ontwikkelingen in kapitaalintensiteit achter. Het kabinet geeft aan ‘ruimte’ te willen creëren voor investeringen door middel van het verminderen van regeldruk en het aanpakken van netcongestie en stikstof-problemen. Ook wil het kabinet de financieringsmogelijkheden voor start-en scale ups verbeteren, o.a. met het oprichten van een Nationale Investeringsinstelling (NII). Tot 2036 wordt hier in totaal €3,3 miljard voor uitgetrokken. 

Klimaat en energie

  • Klimaatdoelen en energie: Het kabinet houdt vast aan de nationale en internationale klimaatdoelen. Ook het tussendoel (ten minste 55% emissiereductie in 2030) staat overeind. Focus ligt op netcongestie, energieopwekking, en energiebesparing. Onder andere windparken op zee worden gestimuleerd. Eind 2026 komt het kabinet met een geactualiseerde routekaart over dit onderwerp. 
  • Industrie: Het CO₂-heffingstarief werd vorig jaar verlaagd naar € 78,67 per ton. In het coalitieakkoord van februari jl. werd de afschaffing van de CO2-heffing aangekondigd, maar dit blijkt complex om in te voeren. Dit voornemen wordt daarmee uitgesteld. De IKC (kostencompensatie) blijft doorlopen tot 2028; het kabinet gaat dit jaar kijken naar de toekomstige invulling van de IKC.
  • Kernenergie: De plannen van het vorige kabinet voor kernenergie worden doorgezet, met het introduceren van een nieuwe (EU)subsidieregeling per 2027 (IPCEI kernenergie). Hiermee moet ook geld vrijkomen voor SMR’s (Small Modular reactors) en andere innovaties. 
  • Innovatie in energie: Er wordt meer geld uitgetrokken voor het oplossen van netcongestie. Daarnaast wordt ingezet op Carbon Capture Use and Storage (CCUS) en waterstof. 

Gezondheidszorg

  • Zorgtypen: Het kabinet waarschuwt voor stijgende zorgkosten de komende jaren met een toename van €6 miljard in de komende 5 jaar. De toenemende kosten zijn grotendeels te wijten aan vergrijzing. Met meerdere beleidsmaatregelen proberen ze de trend van toenemende zorgkosten te keren. Ook wordt meer ingezet op preventie, met name bij kinderen. 
  • Kosten: Het Ministerie van VWS snijdt flink in verschillende fondsen en subsidies. Zo wordt gekort op subsidies voor de beschikbaarheid van geneesmiddelen en het opbouwen van voorraden kritieke geneesmiddelen. 
  • Eigen risico: De verhoging van het eigen risico met €60 wordt met een jaar uitgesteld naar 2028. Wel wordt het eigen risico geïndexeerd met de inflatie. In elk geval komt er een uitzondering voor mensen die medisch-specialistische zorg nodig hebben, zij betalen boven het eigen risico een maximumbedrag van €150 per behandelprestatie. 
  • MedTech: Wel bemoedigend is de ambitie van VWS om een vooroplopend MedTech-ecosysteem op te zetten in Nederland. Het kabinet wil met de sector in gesprek over de mogelijkheden en de acties daartoe, met de blik op 2035.

Technologie

  • Artificial Intelligence: Het kabinet is beducht voor de mogelijkheid dat investeringen (bijvoorbeeld in de Verenigde Staten) in AI mogelijk niet allemaal zullen worden terugverdiend. Wel ziet het kabinet kansen van AI voor publieke dienstverlening, maatschappelijke opgaven en economische ontwikkeling. Ook wordt aangehaakt bij Europese (subsidie)programma’s voor AI-ontwikkeling. 
  • Investeringen: Het bestaande Invest-NL, onder beleidsverantwoordelijkheid van het ministerie van Economische Zaken, gaat op in een nieuwe nationale investeringsinstelling (NII). Het doel is om hiermee privaat kapitaal te mobiliseren en vooral start-en scale ups te ondersteunen. Ook wordt €500 miljoen gereserveerd voor de oprichting van een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI), naar Amerikaans voorbeeld. 

Planning begrotingsbehandelingen

We verwachten een hectisch begrotingsproces de komende tijd. Onderstaand vindt je een tijdslijn van de geplande activiteiten in de Tweede Kamer.

  • 16-17 september: Algemene Politieke Beschouwingen
  • 29, 30 september en 1 oktober: Algemene Financiële Beschouwingen (inclusief begroting Financiën)
  • 6 oktober t/m 26 november: behandelingen Begroting per Ministerie. 
  • 8-10 december: Stemmingen begrotingen + Belastingplan 2026 

Hierna volgen de behandelingen in de Eerste Kamer. De budgetten worden waarschijnlijk pas in december gefinaliseerd, zodat deze op 1 januari 2027 in kunnen gaan. 

Conclusie

De Prinsjesdagplannen bevatten weinig goed nieuws. Het kabinet gaat met de kaasschaaf over de uitgaven heen, van klimaat tot aan zorg. Wel zijn duidelijke handreikingen aan oppositiepartijen gemaakt. De vraag is of, en wanneer, dit zal leiden tot een afgerond budget. In deze turbulente politieke periode is het cruciaal om dicht bij het vuur te zitten, en in te kunnen spelen op relevante ontwikkelingen.

OPR zet zich continu in om deze ontwikkelingen te signaleren en hierop in te spelen. Zo helpen we jou, je bedrijf en de sector echt verder. Meer weten? Neem contact met ons op!

Wil je weten welke kansen er voor jouw organisatie zijn of advies over je publicaffairsstrategie? Onze experts helpen je graag.

In de schijnwerpers– een week in Brussel

Heb jij je ooit afgevraagd hoe het is om alle ballen hoog te houden in een dynamische carrière zowel de politiek als in consulting? Maak kennis met Teeuwes Middelbrink, consultant…